“Mijn taak als feministe is onrecht aankaarten en bespreekbaar maken, ongeacht de weerstand die ik ervoor krijg”

Als kind stond ik niet stil bij begrippen als seksisme, vrouwenrechten of feminisme. Verrassend is dit niet, op jonge leeftijd zijn we daar nog niet mee bezig.

Toen ik voor het eerst een hoofddoek droeg was ik 12 jaar oud. Tijdens de eerste jaren als hijabi, had ik niet het gevoel dat ik geviseerd werd omwille van mijn hoofddoek.  Als ik dat vergelijk met 2018 valt mij wel iets op: ik voelde me, als hijabi, heel alleen. Sociale media was nog in zijn optocht. Ik had geen moslim-rolmodellen waar ik mij verbonden mee voelde. Wanneer moslims toch in de media verschenen, was dat bijna altijd in een slecht daglicht. Nieuwsberichten over vrouwenmishandeling (eremoord, uithuwelijking, verkrachting) raakten mij het meest. Ik las echter ook een heleboel negatieve islamofobe reacties online. Over hoe iedereen die mijn geloof aanhangt per definitie een vrouwenhater is en beter vertrekt uit België. Ik werd dan altijd overvallen door een wrang gevoel: is mijn geloof dan echt zo ‘slecht’? Het zette mij aan het denken. Dat reflecteren maakte me vooral veel kritischer en daar ben ik nu enorm dankbaar voor.

Op mijn 14 jaar, een leeftijd waarbij er veel vragen in je hoofd rondspoken, begon mijn zelfontdekking als feministe. Op die leeftijd droeg ik mijn hoofddoek reeds twee jaar. Voor het vak islam kreeg ik de taak om een paper te schrijven over een zelfgekozen onderwerp. Uit oprechte nieuwsgierigheid koos ik voor vrouwenrechten. Tijdens mijn onderzoek en na veel opzoekingswerk merkte ik bij mezelf dat ik verrast was door wat ik vond. Kan je het je voorstellen? Ik was een jonge moslima, ik deed voor het eerst onderzoek vrouwenrechten binnen de islamitische religie en ik was verrast door de rechten die vrouwen er hebben. Ik kreeg heel andere dingen te zien dan wat er in de media over de islam wordt voorgeschoteld. Vanaf toen ging het heel snel. Ik verdiepte me meer in welke rechten mijn godsdienst mij toekende en ik begon mijn eigen omgeving te observeren. Ik observeerde situaties in mijn eigen leven,  films die ik zag, het nieuws, enzovoort. En ik zag, ik zag hoeveel rechten meisjes en vrouwen ontnomen worden.

Ik denk aan vrouwen die hun leven versleten hebben aan koken, kuisen en kinderen opvoeden en, elke dag, van hun partner te horen krijgen dat ze niet goed genoeg zijn.

Uithuwelijking. Meisjes die uitgehuwelijkt worden, ook al is de islam daar duidelijk over: een huwelijk is niet geldig wanneer iemand ertoe gedwongen werd.  Hijab. Meisjes die verplicht worden de hoofddoek te dragen, ook al is er in religie geen dwang. Huiselijk geweld. Mannen die vrouwen in hun familie op alle mogelijke manieren onderdrukken en dit allemaal in naam van de islam.

Al dit onrecht raakte me nauw aan het hart en maakte dat ik er feministische principes op na begon te houden. Ik denk aan de zovele vrouwen die jaren geleden naar België zijn gekomen en nog altijd afhankelijk zijn van een ander om voor hen te vertalen, omdat ze van hun man geen Nederlandse lessen mochten bijwonen. Omdat het ‘haram’ is voor vrouwen om alleen naar buiten te gaan. Of aan meisjes die ontmoedigd worden om te studeren en een diploma te behalen; ze moeten namelijk trouwen en “de helft van hun geloof vervolledigen”. Na hun huwelijk zal alles rond hun man en zijn wensen en behoeftes draaien. Ik denk aan vrouwen die hun leven versleten hebben aan koken, kuisen en kinderen opvoeden en, elke dag, van hun partner te horen krijgen dat ze niet goed genoeg zijn. Ik denk aan vrouwen die beschimpt, geslagen en vermoord worden, allemaal in naam van de islam, puur omwille van hun vrouw-zijn. Om nog maar te zwijgen van vrouwenonderdrukking in niet-islamitische culturen en gemeenschappen.

Feministe zijn in 2018 is vermoeiend. We krijgen voortdurend verwijten naar ons hoofd geslingerd. Dat we overdrijven, dat er al gelijkheid is tussen mannen en vrouwen, dat de loonkloof een mythe is en noem maar op. Moslimfeministen krijgen het nog iets zwaarder te verduren. Ik krijg weerstand van beide kanten. Niet-moslims die claimen dat ik niet feministisch kan zijn, omdat ik duidelijk bezwijk aan een patriarchale cultuur als ik met een hoofddoek rondloop. Moslims die claimen dat ik niet feministisch kan zijn omdat islam en feminisme niet samengaan. Frustrerend, to say the least.

Ondanks dat hou ik vol. Ik ben het mezelf verschuldigd. Ik ben het, als ik moeder word, mijn dochters verschuldigd. En ik ben het verschuldigd aan alle meisjes en vrouwen die slachtoffer (kunnen) zijn van dit onrecht. Als feministe voel ik dat mijn taak eruit bestaat dit onrecht aan te kaarten en bespreekbaar te maken, ondanks de weerstand die ik krijg. Alsook meisjes en vrouwen hun eigenwaarde doen beseffen, mensen bewustmaken over de rechten waar we voor pleiten en waarom we dat doen. Ik ben heel dankbaar dat ik zelf al zo ver ben, maar de strijd van feministen is nutteloos als niet alle vrouwen samen opkomen voor hun rechten. So, you in or not?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s